100 IJslandse Basislijsten Woordenschat

Wij geloven dat het aanleren van de belangrijkste woordenlijsten een goede eerste stap is bij het leren van een taal. Hieronder vindt u 100 van de meest gebruikte woordenlijsten. Bekijk voor meer van dit soort woordenlijsten ons gele vocabulaireboek aan het einde van deze pagina.

NederlandsIJslands
ikég
je/jijþú
hijhann
zijhún
hetþað
we/wijvið
jullieþið
zijþeir
wathvað
wiehver
waarhvar
waaromafhverju
hoehvernig
welkehvor
wanneerhvenær
danþá
alsef
echtí alvöru
maaren
omdataf því að
nietekki
dezeþetta
datþað
alleallt
ofeða
enog
wetenað vita (veit - vissi - vissu - vitað)
denkenað hugsa (hugsaði)
komenað koma (kemur - kom - komu - komið)
zettenað setja (setti - sett)
nemenað taka (tekur - tók - tóku - tekið)
vindenað finna (fann - fundu - fundið)
luisterenað hlusta (hlustaði)
werkenað vinna (vann - unnu - unnið)
pratenað tala (talaði)
gevenað gefa (gaf - gáfu - gefið)
leuk vindenað líka (líkaði)
helpenað hjálpa (hjálpaði)
houden vanað elska (elskaði)
bellenað hringja (hringdi - hringt)
wachtenað bíða (beið - biðu - beðið)
0núll
1einn
2tveir
3þrír
4fjórir
5fimm
6sex
7sjö
8átta
9níu
10tíu
11ellefu
12tólf
13þrettán
14fjórtán
15fimmtán
16sextán
17sautján
18átján
19nítján
20tuttugu
nieuwnýtt (nýr - ný - nýtt)
oudgamalt (gamall - gömul - gamalt)
weinigfáir (fáir - fáar - fá)
veelmargir (margir - margar - mörg)
foutrangt (rangur - röng - rangt)
correctrétt (réttur - rétt - rétt)
slechtvondur (vondur - vond - vont)
goedgóður (góður - góð - gott)
gelukkighamingjusamur (hamingjusamur - hamingjusöm - hamingjusamt)
kortstuttur (stuttur - stutt - stutt)
langlangur (langur - löng - langt)
kleinlítill (lítill - lítil - lítið)
grootstór (stór - stór - stórt)
daarþar
hierhér
rechtshægri
linksvinstri
mooifallegur (fallegur - falleg - fallegt)
jongungur (ungur - ung - ungt)
oudgamall (gamall - gömul - gamalt)
hallohalló
okéallt í lagi
natuurlijkauðvitað
doeibæ bæ
tot ziensbless
excuseer mijafsakið
sorryfyrirgefðu
dankjewelþakka þér
alsjeblieftvinsamlegast
nunúna
uur(F) klukkustund (klukkustund - klukkustundar - klukkustundir)
minuut(F) mínúta (mínúta - mínútu - mínútur)
seconde(F) sekúnda (sekúnda - sekúndu - sekúndur)
dag(M) dagur (dagur - dags - dagar)
week(F) vika (vika - viku - vikur)
maand(M) mánuður (mánuður - mánaðar - mánuðir)
jaar(N) ár (ár - árs - ár)
avond(N) kvöld (kvöld - kvölds - kvöld)
Downloaden als PDF

Vocabulaireboeken IJslands

Leer IJslands - Snel / Gemakkelijk / Efficiënt

Leer IJslands - Snel / Gemakkelijk / Efficiënt

Dit boek bevat een reeks woordenlijsten met 2000 van de meest voorkomende woorden en zinnen, gerangschikt op basis van hun voorkomen in dagelijks taalgebruik. Dit vocabulaireboek volgt de 80/20-regel: het zorgt ervoor dat u eerst de belangrijkste woorden en zinsstructuren leert om u te helpen snel vooruitgang te boeken en gemotiveerd te blijven.
IJslands vocabulaireboek

IJslands vocabulaireboek

Dit vocabulaireboek bevat meer dan 3000 IJslandse woorden en zinnen die zijn gesorteerd per onderwerp, zodat u eenvoudig kunt kiezen wat u eerst wilt leren. Bovendien bevat de tweede helft van het boek twee indexsecties die als basiswoordenboeken kunnen worden gebruikt om woorden in een van de twee talen op te zoeken. De 3 onderdelen samen vormen een geweldige informatiebron voor cursisten van alle niveaus.

Flashcards IJslands

IJslandse Woordenlijsten

IJslandse Woordenlijsten

Deze flashcardsets bevatten 1300 van de belangrijkste woordenlijsten gesorteerd op onderwerp. Elke set vertegenwoordigt één onderwerp zodat u dit nader kunt bestuderen, afhankelijk van uw prioriteiten en interesses.

Gratis Leermaterialen